Management
29 september 2011
Door CxO redactie
Volgens Berlitz wil 65% van de expats liever in het buitenland blijven
62% van de expats vindt terugkeer naar thuisland ‘moeilijk’
Berlitz, wereldwijd bekend voor zijn taaltrainingen en marktleider op het vlak van interculturele opleidingen, stelt de tweede editie voor van een uitgebreide enquête over expats en werken in het buitenland.
Het ‘Expatriation Observatory’, een studie van Berlitz in samenwerking met BVA en de Cercle Magellan, gaat deze keer dieper in op de terugkeer van expats naar hun land van origine. Uit het onderzoek blijkt dat 62% van de expats in West-Europa een mogelijke terugkeer als ‘moeilijk’ bestempelen, terwijl maar liefst 42% van mening is dat de in het buitenland opgebouwde ervaring niet voldoende naar waarde wordt geschat binnen het bedrijf waarvoor ze werken.
Expatriëring: hoofdzakelijk een persoonlijke keuze
Het ‘Expatriation Observatory 2011’ toont aan dat expatriëring vooral van toepassing is voor de jongere populatie (70% van de expats is jonger dan 40), mannen (69%) en hoger opgeleiden (72% van de expats heeft minstens een masteropleiding of hoger). Het percentage vrouwelijke expats bedraagt 31%, een stijging met 11% ten opzichte van de studie van 2010.
Verder blijkt ook dat 92 tot 96% van de expats hun buitenlands avontuur beschouwen als de uitgelezen kans om nieuwe landen en culturen te ontdekken. 73% tot 88% ziet het als een springplank voor hun verdere professionele carrière. “Werken in het buitenland wordt in West-Europa erg positief bekeken en wordt doorgaans beschouwd als een verrijkende ervaring,” verduidelijkt Gregory Caremans, Regional Manager Global Leadership Training bij Berlitz. “Bij ons ziet men een expatriëring niet als een professionele verplichting. Slechts 17% van de expats ervaart het op die manier, terwijl dat aantal bij expats van Japanse oorsprong maar liefst 62% bedraagt.”
Gemengde gevoelens bij terugkeer naar vaderland
De buitenlandse ervaring mag dan al positief lijken, de terugkeer naar het vaderland wordt toch eerder op gemengde gevoelens onthaald. Wat heet. 62% van de West-Europese expats hebben het erg moeilijk met de aanpassingsperiode die volgt op de terugkeer naar hun land van oorsprong. Een van de verklaringen voor dit hoge percentage is het feit dat 65% van de expats liever in het buitenland zou willen blijven, hetzij in het land waar ze zich bevinden, hetzij in een ander land (35%). Wat de wederaanpassing op professioneel vlak betreft, blijkt dan weer dat bedrijven de terugkeer van hun expats onvoldoende voorbereiden. Slechts 19% van de West-Europese expats is van oordeel dat hun onderneming hen daarbij heeft geholpen. Bovendien blijkt dat slechts 3 op 10 bedrijven rekening houden met de functiewensen van de expats. Daardoor verandert 62% van de expats bij de terugkeer van werkgever, en bijna de helft van hen kiest zelfs voor een totaal andere beroepssector.
“Het onderzoek van 2011 maakt duidelijk dat bedrijven nog heel wat te leren hebben op het vlak van expatriëring”, zegt Gregory Caremans. “Ze maken wel de nodige middelen vrij om hun werknemers naar het buitenland te sturen, maar slagen er blijkbaar niet in om achteraf de nodige meerwaarde te halen uit die verworven kennis. De gevolgen van een tewerkstelling in het buitenland, die zowel voor de expat als voor de werknemer a priori positief zijn, worden nog onvoldoende gemeten en gevaloriseerd. En het antwoord van de bedrijven op dat vlak schiet vaak tekort. Vandaar dat erg hoge percentage van medewerkers die van werkgever of sector veranderen.”